|
Verheugd over schenkingen MIDDELBURG – Het gaat Wereldwinkel Middelburg goed. In 2025 kon de winkel bijna 6000 euro schenken aan goede doelen. Wat daarbij helpt is dat sinds enkele jaren zowel in het voorjaar als in het najaar in de Fairtrade week reclame gemaakt wordt voor het feit dat er van de omzet van die week 10% geschonken gaat worden aan een goed doel. Dit jaar waren dat de projecten van Simbolica. Ook Gone Arty en Sri Lanka mochten zich verheugen met een gift. “Het is fijn dat we in staat zijn om deze schenkingen te doen”, aldus een dankbare secretaris van Wereldwinkel Middelburg, Iet Hasselaar.
Kerstmarkt DOETINCHEM – Het is weer tijd voor de kerstmarkten. Wereldwinkel Doetinchem stond zaterdag 20 december op de kerstmarkt op het Simonsplein. Wie in de wereldwinkelkraam zijn perfecte kerstcadeau niet kon vinden, kon uiteraard ook terecht in de wereldwinkel zelf. Foto: Wereldwinkel Doetinchem
Markt in zorgcentrum GELDERMALSEN – In Geldermalsen deed de wereldwinkel zaterdag 20 december ook mee met een kerstmarkt en wel in het zorgcentrum Ravestein. Behalve fair trade producten waren op de markt ook onder meer huisgemaakte baksels, tweedehands spullen, kerst bloemstukjes te koop.
Kerstkraam voor de winkel EPE – De Epense wereldwinkel stalde zaterdag 20 december een deel van haar assortiment uit in een kerstkraam voor de winkel. Klanten konden daar tegen betaling van een euro meedoen aan de actie ‘Raad het gewicht’. Wie het lukte het gewicht te raden van een zilveren sieraad kreeg het cadeau. De opbrengst van de actie gaat naar Lendahand crowdfunding (zie website via deze link), een organisatie die zorgt voor eerlijke leningen voor mensen in ontwikkelingslanden.
Kerststal Berlicum BERLICUM - Zaterdag 13 december stond het centrum van Berlicum geheel in het teken van kerstmis. De wereldwinkel en andere winkels hadden voor hun winkel kramen in kerstsfeer geplaatst. De wereldwinkel droeg deze dag bovendien bij aan het mede mogelijk maken van een mooie kerststal op het plein. Bezoekers konden verder genieten van livemuziek, glühwein, warme chocolademelk voor de kindjes en lekker hapjes. De kinderpuzzeltocht zorgde ervoor dat kinderen bij alle winkels binnenkwamen om vragen te beantwoorden. “Kortom een mooie start van de kerstperiode”, aldus Ineke Alings van Wereldwinkel Berlicum. Foto: Wereldwinkel Berlicum
Leren over fair trade cacao WIJCHEN - Zes kinderen ontvingen in Wijchen een prijs voor hun deelname aan een fair trade kleurwedstrijd. De winnaars kregen een oorkonde en een pakket met fair trade chocola. De prijsuitreiking vond op maandag 15 december plaats in het Huis van de Gemeente waar wethouder Bea Schouten de prijzen overhandigde aan de jonge winnaars. De kleurwedstrijd met het thema ‘Bedank de boer, niet de Piet’, had als doel kinderen bewust te maken van fair trade. De jury koos de winnende inzendingen op basis van creativiteit en zorgvuldigheid. Sommige kinderen voegden extra elementen toe of schreven een bedankje aan de cacaoboeren. De jury bestond uit leden van de Wijchense kerngroep Fairtrade Gemeente, een vrijwilliger van de wereldwinkel en twee jongeren.
Debunking notions, het ontkrachten van gangbare (onjuiste) opvattingen UGANDA – In een podcast met Robert Kajobe, professor aan de Muni University in Uganda, gaat het over macht, gelijkwaardigheid en eigenaarschap binnen wereldwijd onderzoek. Waarom worden Afrikaanse wetenschappers zo vaak gezien als ondersteunende partners in plaats van gelijkwaardige samenwerkingspartners? Waarom wordt westerse kennis nog steeds als vanzelfsprekend superieur beschouwd? En hoe kunnen Afrikaanse instellingen hun rol in het vormgeven van wereldwijde kennis terugclaimen? Luister de podcast ‘Debunking notions’ met Robert Kajobe via deze link.
COLUMN OVER ONZE WERELD VAN HOOP, STRIJD EN GLORIE
Suriname 50 jaar vrij column (212) van Hans Beerends |
In alle kranten wordt herdacht dat Suriname 50 jaar terug onafhankelijk werd. Mijn gedachten gaan dan terug naar de politieke campagne van de wereldwinkels ‘Suriname Vrij NU’ in 1973. Maar eerst even een terugblik. Op welke wijze werd Suriname een kolonie van Nederland en hoe kwam ze daar weer vanaf?
TERUGBLIK
Als Columbus in 1492 Amerika ‘ontdekt’, verschuift de culturele en commerciële oriëntatie van West-Europa van het Middellandse Zeegebied naar het gebied aan de andere kant van de Atlantische Oceaan. Het werd de tijd van de ontdekkingsreizen, vestigen van handelsposten en uiteindelijk het koloniseren van de nieuw ontdekte landen. Portugal en Spanje, grootmachten in die tijd, veroverden heel Zuid-Amerika. Engeland en Frankrijk verdeelden Afrika, Engeland koloniseerde daarnaast geheel Zuidoost-Azië (India, Pakistan, Sri Lanka), Nederland bezette Indonesië en België de Congo. Zelfs Noord-Amerika was tot 1776 een kolonie van Engeland. Onze vaderlandse held werd Piet Hein die de Spaanse Zilvervloot veroverde.
De landstreek Suriname viel beurtelings in handen van Engeland, Frankrijk, Noord-Amerika en Nederland. In 1667 kreeg Nederland vaste voet aan de grond in dat land. Nederlanders stichtten plantages of breidden bestaande plantages uit en daarvoor hadden zij arbeiders nodig. De meerderheid van de inheemse bevolking had weinig zin in plantagearbeid, dus werden er slaven gekocht in Afrika (de creolen), veelal van Arabische slavenhandelaren. In 1863 werd de slavernij afgeschaft. Er kwam een officiële afgezant van de Nederlandse koning Willem III naar Suriname en die zei het volgende: “Het heeft Zijne Majesteit Onzen Geëerbiedigde Koning behaagd de dag te bepalen waarop de slavernij in de kolonie Suriname wordt afgeschaft. Op den eersten Julij 1863 zijt Gij vrij”. De nu vrije arbeiders werden wel verplicht nog 10 jaar op de plantages te werken. Heel veel Surinamers hadden daar geen zin in en trokken naar de hoofdstad Paramaribo.
Hun plaats werd vanaf 1873 ingenomen door contractarbeiders uit India. Dat waren wel geen slaven, maar ze werden wel als slaven behandeld. De toestand werd zo slecht dat Engeland, die zich als kolonisator verantwoordelijk voelde voor haar Indiase onderdanen, Nederland op het matje riep. Om verdere conflicten te voorkomen, ging Nederland vanaf 1890 over tot het importeren van haar eigen contractarbeiders, de Javanen. Op die wijze ontstond een bevolking bestaande uit 40% creolen, 37% Hindoestanen en 15% Javanen. Hoe erg de uitbuiting was, kan men lezen in het onlangs weer uitgegeven boek van de Surinaamse schrijver Anton de Kom: ‘Wij slaven van Suriname’.
Het einde van de Tweede Wereldoorlog was tevens het begin van de dekolonisatie. Koloniën eisten juridische onafhankelijkheid. Dat ging in een aantal gevallen gepaard met geweld (Indonesië, Kenia, Zimbabwe), maar in de meeste gevallen werd de kolonie overgedragen aan de inheemse elite. In Suriname was er in die tijd slechts een minderheid die onafhankelijkheid wenste. Met name de Hindoestanen, bang als zij waren voor etnische conflicten, waren fel tegen. Wijs geworden door de gewapende strijd in Indonesië besloot de Nederlandse regering in 1954 Suriname een semi-onafhankelijke status te geven, het statuut. Het statuut bepaalde dat Nederland, Suriname en de Antillen gelijkwaardige staten zijn binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Klinkt mooi, maar in feite bleef Nederland Suriname cultureel en commercieel domineren.
In Suriname waren de creolen wel voor onafhankelijkheid maar politieke partijen waren gekoppeld aan de etnische groep waardoor de creoolse partij nooit een meerderheid kreeg. Begin jaren ’60 ontstond er echter, los van de bestaande etnische partijen, een nieuwe partij, de PNR (Partij Nationalistische Republiek), die wel degelijk streefde naar onafhankelijkheid. Toen zij zich bij de verkiezingen van 1973 verbond met de creoolse partij de NPS ontstond er een meerderheid in het Surinaamse parlement.
Premier Arron en de Nederlandse premier Den Uyl waren beide voor onafhankelijkheid. Toch duurde het nog jaren voordat die wens vervuld werd en daar sprong de landelijke organisatie van wereldwinkels (186 lokale groepen) in. Zij wilden een campagne en op de ledenraad van eind 1973 stelden een paar winkels voor campagne te voeren voor spoedige onafhankelijkheid van Suriname. Het werd de actie ‘Suriname Vrij NU’, die zij samen voerden met Sjaloom, X-Y, Clat en enkele kerkelijke groepen. De nadruk lag op het woord NU. Zij waren namelijk bang dat Nederlandse bedrijven als Bruynzeel, Shell, HVA en Biliton de laatste kolonisatiejaren nog snel voordelige contracten zouden afsluiten met een Surinaamse regering die volledig afhankelijk was van Nederland.
Nou is het wel gemakkelijk een campagne te starten, maar eigenlijk wisten we weinig van Suriname. Daarom werden er een paar specialisten uitgenodigd, te weten activist en Surinamespecialist Siep van der Werf, dominee Peet Jansen en de Surinamer Marcel Kros. De campagne verliep redelijk. Samen met Siep schreef ik een folder over Suriname, veldwerkers en bestuursleden bezochten de plaatselijke wereldwinkels, er was een gesprek met premier den Uyl en minister Jan Pronk en ongeveer de helft van de wereldwinkels deed actief mee. Het bestuur vond dat wat magertjes. Oké, wereldwinkels en andere actiegroepen stonden achter het doel van de campagne, maar wat ontbrak was het politieke vuur. Je zou denken, zowel den Uyl als Arron waren voor, dus wij hadden de wind mee. Dat leek zo. Gek genoeg kwamen tegenstanders uit Surinaamse kringen. In Suriname was de Hindoepartij van Lachmon fel tegen. Door voorstanders die er ook waren werd de VHP leider spottend ‘Lachmon van Oranje’ genoemd. Het Suriname comité was, afhankelijk met welke partij in Suriname zij zich verbonden voelde, beurtelings voor en tegen. In mei 1974 schreef zij dat ‘de onafhankelijkheid van het Surinaamse volk alleen bereikt kon worden door een hardnekkige strijd zoals de strijd in Vietnam en Angola’. De onafhankelijkheid die Nederland ons gaat geven achtte het comité ‘een neokoloniale marionettenonafhankelijkheid’. Toen echter op 25 november 1975 onafhankelijkheid een feit werd, vierde het comité even hard mee. Nu stelde zij dat onafhankelijkheid ‘gezien moet worden als uitdrukking van het verzet tegen buitenlandse overheersing en het door Nederland opgedrongen Koninkrijksstatuut’.
Ondanks de politieke verschillen was iedereen in Suriname toch blij. Er was duidelijk een gevoel van bevrijding. Wel emigreerden zo’n 300.000 Surinamers naar Nederland, ongeveer een derde van de bevolking. Zij schatten terecht in dat de kans op werk en een zekere welvaart in Nederland stukken hoger ligt dan in Suriname. En inderdaad, in Suriname ging het economisch slecht. Na november 1975 besloten enkele actievoerders van Suriname Vrij NU, waaronder Siep van der Werf, een nieuwe solidariteitsgroep op te richten en wel de SBS, de Solidariteit Beweging Suriname. De groep wilde zich inzetten voor een progressieve ontwikkeling in Suriname, zij uitte kritiek op de besteding van ontwikkelingshulp en op de gebrekkige opvang van Surinamers en streed tegen het opkomende racisme.
In Suriname ging het economisch steeds slechter, hetgeen leidde tot een staatsgreep van sergeant Bouterse in 1980. De SBS en Surinamegroepen stonden aanvankelijk achter de staatsgreep. Men hoopte op economische en sociale veranderingen. Daar kwam echter weinig van terecht en toen Bouterse in december 1982 vijftien tegenstanders liet vermoorden, veranderden zij hun mening. De onmiddellijke stopzetting van de ontwikkelingshulp leidde wel tot felle discussies. Nederland werd hypocrisie verweten. In Indonesië ging, ondanks tienduizenden executies van (vermeende) communisten de hulp gewoon door. Ondanks de moorden bleef Bouterse een negatieve rol spelen in Suriname. Beurtelings was hij dictator, president of legerleider. Tegenstanders van Bouterse, met name familieleden van de vermoorde mensen, drongen aan op veroordeling van hem. Maar door als president zichzelf en de groep om hem heen amnesty te verlenen, ontsprong hij de dans. In 2023 werd hij dan eindelijk voor de rechtbank gedaagd en veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Hij dook echter onder en in december 2024 overleed hij, 79 jaar oud.
Of Suriname na de Bouterse tijd economisch en sociaal opgroeit, is de vraag. Onlangs is een grote oliebron ontdekt. Als een nieuwe regering de winsten hiervan niet alleen laat toestromen naar de elite maar een groot deel gaat besteden aan economische en sociale verbetering van het volk, dan is er veel mogelijk.
Zeker vergeleken met andere migranten zijn Surinamers redelijk geïntegreerd. Zij spreken de Nederlandse taal, in het Surinaamse onderwijs werd altijd veel aandacht geschonken aan Nederland en ook voor de massale emigratie kwamen veel Surinamers hier studeren. Elk jaar wordt uitbundig Keti Kotie gevierd (herdenking einde slavernij), er is een slavernijmonument in het Oosterpark in Amsterdam. Zowel burgemeester Femke Halsema als de koning hebben excuses aangeboden voor de misdaad van de slavernij. De schrijver Anton de Kom van ‘Wij slaven van Suriname’ heeft nu een standbeeld in Amsterdam en er is een Suriname museum. Tenslotte was er in 2024 nog een prachtige expositie van Surinaamse kunst in het stedelijk museum in Vianen waar Siep en ik van hebben genoten en op dit ogenblik is er in het museum van moderne kunst Cobra in Amstelveen (tot 1 maart 2026) de tentoonstelling 'Wi Sranan -Surinaamse kunst in beweging'. Daar zullen we zeker naar toe gaan. Ja, ja, als oud-activisten blijven we toch betrokken bij de Surinaamse gemeenschap.
Vijftig jaar onafhankelijk! Ik hoop dat het nu eindelijk goed zal gaan. Na alle problemen hebben ze dat wel verdiend.
Hans Beerends
--------------- // ----------------

Deze nieuwsbrief is een uitgave van Wereldwinkels Nederland Copy voor deze nieuwsbrief aanleveren via:
22 december 2025 |